“Hoeveelste moet je worden?” vraagt Karst, doelend op een eventuele kwalificatie voor EK en WK later in 2026. Ik bekijk de startlijst van Turnhout Gravel, een UCI wedstrijd in de gravel world series. Er staan 25 namen op de lijst vrouwen 50-54, wat betekent dat als echt iedereen komt opdagen 7e nog net genoeg is. “Vijfde zou heel mooi zijn,” antwoord ik, de namen van de lijst in me opnemend, terwijl het achteraf cruciale sprintje van vorig jaar zich in mijn herinnering afspeelt. Het is mijn eerste race van het seizoen. Zoals ik van mezelf gewend ben, is er weer een heleboel getwijfel. Ik ben eigenlijk vooral bezig met me voor te bereiden op een mooie week gravelen in Girona eind april. Die week wil ik afronden met de 200 km wedstrijd van de The Traka. Het WK van de UCI in oktober 2026 is nog heel ver weg. Letterlijk ook, want in Australië. Ik zie nog niet echt voor me hoe ik dat ooit ga combineren met een baan in het onderwijs, maar het EK is eind augustus in Houffalize in België. Daar wil ik eigenlijk wel heel graag gekwalificeerd aan de start verschijnen.

Na lang twijfelen tussen een willekeurige door de organisatie aangegeven parkeerplaats of de locatie voor het ophalen van de startnummers, toets ik uiteindelijk toch dat laatste in de navigatie. Dat blijkt absoluut de verkeerde keuze. Er is niet voorzien in een plek om tijdelijk je auto kwijt te kunnen om even de startbescheiden in ontvangst te gaan nemen, wat resulteert in een kleine verkeersinfarct op het smalle straatje in het centrum van Turnhout. Met veel moeite krijg ik mijn auto dat straatje weer uit en ga dan toch maar eerst op zoek naar een parkeerplek voor de dag. Mijn navigatie blijft me echter terugsturen naar de Campus Blairon, omdat ik dat al rijdend niet zo snel omgezet krijg. Dit resulteert in een vrijwel random links-rechts door wegafzettingen voor onze race. Inmiddels raak ik licht in paniek. Ik zie nergens borden naar de door de organisatie bedachte parkeerplekken. Dan sta ik opeens voor Centrumparking de Warande. Geen idee wat deze parkeergarage kost, maar er is voldoende ruimte en ik ben klaar met dit gepuzzel. Als ik uitstap met het plan om per fiets de locatie voor de wedstrijdspullen te gaan terugzoeken, hoor ik het direct. Iemand heeft bedacht dat deze parkeergarage dit nodig had vandaag: keiharde klassieke muziek. Het is een dusdanig bevreemdende gewaarwording dat het direct een positief effect heeft op mijn gemoedstoestand. Alsof het de normaalste zaak van de wereld is, sta ik even later mijn fietskloffie aan te trekken in een parkeergarage behangen met de klanken van Chopin.

De organisatie heeft de startvakken wat anders ingedeeld dan afgelopen jaar. Eerst starten alle mannen, ongeacht de afstand, daarna alle vrouwen. Het startvak met de diverse vrouwencategorieën ouder dan 50 is het allerlaatste en verrassend dicht bij de parkeergarage. Bijkletsen met andere deelneemsters, zenuwenplasje op een vieze dixie en proberen warm te blijven in een frisse ochtendzon. En dan om 9:27 is het onze beurt: racen! Het mechanisme werkt nog steeds. Eenmaal gestart, schakelt mijn hoofd direct over op een ander kanaal. Startopdracht: vooraan proberen te blijven, maar niet mezelf leegsleuren op kop. Zien en reageren; wielen, gaten, bochten. Wie is een fijne piloot om te volgen? Op de eerste lange gravelstrook is de toplaag zodanig los, dat het aanvoelt alsof mijn wielen niet goed in mijn frame vastzitten. Gewoon gaan Inge, tractie houden, jij kunt dit. Al snel stuiten we op achterblijvers van startgroepen voor ons, maar vrijwel altijd kunnen we er met de kop van onze wedstrijd vrij snel voorbij. Onze groep wordt langzaam steeds meer een groepje, omdat er dames lossen. Ik maak er een missie van om steeds bij de eerste zes, zeven te blijven. En dat lukt!

We zijn al over de helft van onze race van 72 kilometer als we op een grote groep vrouwen stuiten met vooral witte startnummers. We kunnen er niet langs. Schreeuwen om ruimte heeft geen zin. Ik zie hoe we individueel een poging doen om door het peloton naar voren te bewegen, maar ons octet houdt op te bestaan. Ik merk hoezeer we chaos veroorzaken vooral doordat dames aanhaken. Frummelen, loeren, frotten. En dan ben ik erdoor! Ik ben mijn groep kwijt, maar heb wel allerlei andere kleuren nummers in mijn wiel. Ik heb in alle hectiek nog weten uit te rekenen dat ik op dat moment vijfde lig in de wedstrijd vrouwen 50-54. De opdracht voor het volgende gedeelte in deze koers is simpel: geen brokken maken, tempo houden, geen oranje nummer mag mij nog voorbij en dan word ik netjes vijfde.

Ik pace lang op kop. Geen idee wie er allemaal in mijn wiel hangen. Ik wil nu even zoveel mogelijk afstand met andere oranje nummers, die straks eventueel ook nog door die groep heen moeten. Bovendien vind ik het fijn om in dit iets technischer deel met wat los zand mijn eigen ding te kunnen doen. Op wat brede rechte bospaden geef ik uiteindelijk af en land ik in mijn nieuwe groepje. Dit gaat heel prima, totdat uiteindelijk een goed geplaatste aanval van een van de dames de groep uit elkaar trekt. Samen met een dame in een groen shirt en met een grijs nummer race ik kop-over-kop over de smalle paadjes langs het kanaal. Ik ben bijna klaar, zij moet nog een ronde. Het is voor mij gezien de situatie in mijn koers tamelijk zinloos om daar nog zo hard door te trekken, maar ik heb er gewoon zin in, lekker racen over die single tracks. En net als in de cross: altijd blijven gaan, je weet immers nooit wat er voor je nog gebeurt. De dame in het groen kan door onze inzet in de finishstraat weer aansluiten bij een deel van onze voormalige groep en ik finish. Inderdaad: vijfde in mijn categorie, achtste van het wedstrijdvak.

Ik word opnieuw door pianoklanken begeleid, als ik bij mijn auto de zaken regel om terug te kunnen rijden. Ik vind op dat moment dat dit muziek-idee door veel meer parkeergarages zou moeten worden opgepakt. Mijn hoofd schakelt weer naar de normale zender. Glimlachend bedenk ik me, dat ik Karst kan vertellen dat ik me aan mijn plan heb gehouden. Ik ben tevreden over mijn optreden en heel blij met de kwalificatie voor het EK in Houffalize. Ik vond dat het afgelopen jaar een toffe wedstrijd om te doen, lekker zwaar wat betreft klimmen en tamelijk technisch. Het lijkt me een mooie belevenis om daar het EK te rijden. Qua planning en logistiek kan die op de kalender. Dat WK in Nannup in Australië is wat dat betreft een totaal ander verhaal: hoe kan ik begin oktober een week of twee naar de andere kant van de wereld? Eén UCI-medaille, met twee kanten — en met elk een compleet ander gevoel.
©️ ingefietst.nl
P.S. Parkeren met pianobegeleiding blijkt €15,60 voor een dag.
