Zwarte sneeuw

PradaccioSBehalve een blik op het verontrustende hoogteprofiel heb ik me niet echt voorbereid op de col die nu voor mijn wielen ligt. Het lijkt of ‘Passo di Pradaccio’ ook bij de locals niet als zodanig bekend staat, aangezien op de diverse borden wel plaatsen als ‘Chiozza’ en ‘San Pellegrino in Alpe’ worden aangekondigd, maar de pas ‘Radici’ lijkt te heten. Er zijn op dat moment echter belangrijker dingen dan me druk maken over de naam van de col: ik heb zo’n 18 kilometer klimwerk te doen. De eerste drie, vier kilometer kent uiterst vriendelijke procentjes, maar vanaf Pieve Fosciana draait de weg het bos in en houdt onmiddellijk een strak regime van tegen de tien procent aan. Als het profiel klopt zal dit een kilometer of negen duren, voordat een korte afdaling het slotakkoord zal aankondigen. Deze beklimming kent een bijzonder toetje, waar ik tamelijk tegenop zie. Zover is het nog niet.

De weg is smal en voorzien van een laagje rommelig asfalt. Ik laat de jongens gaan en zoek mijn eigen ritme. Dat gaat prima. Mijn systeem houdt wel van deze regelmatigheid, ook al gaat het percentage zo nu en dan in de dubbele cijfers. Een simpele rekensom leert dat ik voor dit deel van de klim iets meer dan 50 minuten nodig ga hebben. Ik geniet van een paar verfrissende druppels regen. Zo nu en dan kan ik tussen de bomen door een blik werpen op besneeuwde bergtoppen. Als na een kilometer of vijf het percentage even wat zakt, herinnert dit mij aan het feit dat er straks nog een finale wacht. Ik doe mijn best om me daar niet eerder druk om te maken dan nodig, maar kan het niet laten om nog een keer te proberen of mijn 32 het echt niet doet. Een halve pedaalslag kan ik maken op het grootste tandwiel achter, maar dan schiet de ketting onverbiddelijk terug naar de 28. Het zij zo. Ik zal het straks moeten doen met 34-28.

Mijn benen voelen prima. De afgelopen dagen in het Toscaanse land met Wielerbus hebben weliswaar een bepaalde vermoeidheid opgebouwd, maar ook de klimvezels flink geprikkeld. Heuveltjes blijken hier zo nu en dan verrassend steil. Uitspraken van reisgenoten als: “Vergeet die muur van Huy, ik heb in deze rit al wel tien muren van Huy gehad” en “Dit slaat helemaal nergens op!” na een bijna twee kilometer lang klimmetje naar een mariakapelletje dat gestaag tussen de 15 en 17 procent aanhield, illustreren hoe dit prachtige landschap het uiterste vergt van fietser en materiaal. De betekenis van “glooiend” is de afgelopen dagen geherdefinieerd.

Opeens vlakt de weg af en daalt zelfs een stukje. Ik voel een knoop in mijn maag. Het is zover. Snel nog wat drinken nu het nog kan. Ik passeer enkele huizen en dan is er geen ontkomen meer aan. De smalle weg vormt een muur van slecht asfalt waar ik tegenop moet gaan fietsen. Er staat een bord met 18%. Ik voel me lichtelijk beetgenomen door het hoogteprofiel dat een maximum van slechts 17,7% had beloofd. Al snel kom ik erachter dat het bord nog een understatement is van wat ik heb te doen. Op mijn Garmin zie ik voortdurend percentages die me de conclusie doen trekken dat het bord een gemiddelde aangeeft. Dit gaat zo nog vier kilometer duren. Waanzin. In dit tempo is dat nog 40 minuten. Ik kan niet sneller. Ook niet langzamer trouwens. Ik balanceer op de dunne lijn tussen het maximale vermogen dat ik kan leveren en de minimale trapfrequentie die noodzakelijk is om 34-28 rond te krijgen.

Ik sleep mezelf van bocht naar bocht. Een “rampa” gaat steevast over de 20 procent, maar in een bocht is het soms mogelijk om via de buitenkant het percentage even naar 15 te laten zakken. Zo nu en dan echter is er geen echte bocht en gaat de “rampa” ongenadig lang door. Laveren is geen optie, daarvoor is de weg te druk met ander verkeer, voornamelijk motoren. Staan op de pedalen gaat niet goed. Ik merk dat mijn linker schoenplaatje is verschoven waardoor mijn achillespees protesteert als ik uit het zadel kom. Ik dagdroom over het tooltje met de benodigde imbus, dat ergens nutteloos op de hotelkamer ligt. Zitten dan maar weer en doorstampen. Mijn ademhaling maakt verontrustende geluiden. Elk vindbaar longblaasje moet worden ingezet om mijn fietsmachine van zuurstof te voorzien. Fietsmachine? Dit is geen fietsen wat ik zit te doen. Overleven. Hoeveel van die steile snokken komen er nog? Ik ben de tel een beetje kwijt.

“Inge! Nog twee!” Ward staat enkele bochten boven me. Hij is vanaf de top een stukje teruggereden. Alle energie is nodig om mezelf en de fiets overeind te houden en derhalve duurt het even voor mijn hersenen de informatie hebben verwerkt. Even hoop ik dat Ward nog twee bochten bedoelt of nog twee keer een “rampa”, dat trek ik denk ik nog net. Dan dringt het tot me door dat het nog twee kilometer is. Twee kilometer! Ik ben pas op de helft van deze narigheid! Ik sleep mezelf naar de hoogte van mijn fietsmaat en realiseer me dat ik water moet drinken, maar kan geen enkele manier bedenken om dat al fietsend voor elkaar te krijgen. Ik jaag mezelf nog een steil stuk op. Voor mijn ogen dansen donkere spikkels. Ik zie zwarte sneeuw. Als het even iets minder steil is, stop ik met trappen en zet een voet aan de grond. Water! Ik moet geduld hebben tot mijn ademhaling wat tot rust is gekomen om te voorkomen dat ik het vocht in mijn openstaande longen giet en mezelf hier op de berg verdrink. Het lukt. De bui met zwarte sneeuw trekt weg.

59cd28fe-14b1-46f7-8d4d-dc84fede95a3
Het gezelschap, waarmee ik die dag deze koninginnerit mocht doen. Foto via Wielerbus.

De laatste kilometers wijkt Ward niet van mijn zijde. Wat ik nog te gaan heb blijkt alleszins mee te vallen. Na nog een kilometer bizarre steilheid zakt het percentage via 12 naar 10. Het voelt na de ellende van zojuist uiterst aangenaam, als een stuk vals plat. Alles is relatief. Aanmerkelijk eerder dan ik tijdens de zwarte sneeuwbui had uitgerekend, zie ik de rest van de mannen op de top. Het is wat heiig, maar toch hebben we een prachtig uitzicht. Wat een idiote klim was dit! Eerst een complete Alpencol gevolgd door een XL-Redoute. Even sta ik op ruim 1600 meter hoogte met mijn fiets in de sneeuw. Witte.

© ingefietst.nl

6 reacties Voeg uw reactie toe

  1. Dickbemelman schreef:

    Heerlijk om te lezen
    Ik ga hem zeker niet doen

    Liked by 1 persoon

  2. Geweldig om te lezen, ik zat helemaal (vanuit mijn luie stoel) met je mee te klimmen!

    Liked by 1 persoon

  3. Ties Verhagen schreef:

    Je kunt veel, als je maar rustig begint en je adem onder controle houd en aan iets moois denkt

    Liked by 1 persoon

  4. Pierre Kees schreef:

    Mooi geschreven Inge ik wordt er zelf moe van haha

    Liked by 1 persoon

Ik nodig je uit om te reageren:

Vul je gegevens in of klik op een icoon om in te loggen.

WordPress.com logo

Je reageert onder je WordPress.com account. Log uit /  Bijwerken )

Google+ photo

Je reageert onder je Google+ account. Log uit /  Bijwerken )

Twitter-afbeelding

Je reageert onder je Twitter account. Log uit /  Bijwerken )

Facebook foto

Je reageert onder je Facebook account. Log uit /  Bijwerken )

Verbinden met %s