Trio

Tot het laatste jaar van mijn middelbare school had ik nog nooit serieus aan duursport gedaan, afgezien van de ruim twaalf kilometer, die ik twee keer op een schooldag met mijn boekentas per fiets aflegde. Daar kwam acuut verandering in, toen één van mijn vriendinnen opperde dat we best aan de kwarttriatlon in haar woonplaats konden meedoen. Een tikje naïef, maar enthousiast ging ik aan de slag. Er moest opeens van alles geoefend worden. In die tijd (1990) bestond de kwarttriatlon uit 1 kilometer zwemmen, 45 kilometer fietsen en 10,5 kilometer hardlopen. Ik had die zomer daarvoor een oude sportfiets gekocht, die kwam nu mooi van pas. In plaats van een beetje pierewaaien van waterglijbanen en duikplanken werden er in naburige zwembaden opeens baantjes geteld en ik moest leren hardlopen. Uiteindelijk had ik voor mijn eerste kwarttriatlon ruim drie uur nodig, waarbij ik ongeveer een half uur in schoolslag druk was geweest met die kilometer zwemmen, anderhalf uur over het fietsen had gedaan en ruim een uur had geploeterd over 10,5 kilometer hardlopen.

triathlon92klein
Triatlon Wehl 1992

Er was intussen een wereld voor me opengegaan. Ik vond het leuk om naar een doel toe te trainen. Het hardlopen en het fietsen werden nieuwe hobby’s en ik heb daarna nog aan diverse kwart- en achtste triatlons in de omgeving meegedaan. Zwemmen bleef ik echter niet leuk vinden en dat hielp ook niet om dat onderdeel te verbeteren. Dat gedoe van op een bepaalde tijd naar een benauwd binnenbad gaan, vies chloorwater happen, waarin haren en pleisters voorbij drijven en het voortdurende gevecht met kletsende kanthangers zorgden ervoor dat het voor mij een verplicht nummer was enkele keren per week. Gauw even 40 tot 60 baantjes raggen en wegwezen. Ook buitenwater, waar de lucht wat beter te ademen was en de openingstijden minder beperkt, kon mij niet echt enthousiast krijgen. Zwemmen hield ook niet van mij. Ik bleef maar in die schoolslag hangen, omdat de borstcrawl me niet goed wilde lukken en met 24 minuten over een kilometer had ik mijn grens wel bereikt. Gelukkig was het in de triatlon het eerste onderdeel: dan hadden we dat maar gehad.

Hardlopen ging wel steeds een beetje beter en uiteindelijk kon ik de 10 kilometer in iets meer dan 50 minuten lopen. Het was ook lekker buiten in de frisse lucht en ik kon er meteen als ik de deur uitstapte mee beginnen, wanneer mij dat uitkwam. Op zich gold dat laatste ook voor het fietsen met het verschil dat ik in die sport niet geleidelijk, maar met sprongen vooruit ging. Bij de laatste triatlons was het zo dat ik met fietsen zo ruim goedmaakte, wat ik met zwemmen had laten liggen, dat ik na het hardlopen toch nog op een leuke eindklassering kon uitkomen. Toch heb ik na 1993 geen triatlon meer gedaan. Het zwemmen bleef een crime en het fietsen was te leuk.

Kort geleden kwam ik mijn vriendinnen van de middelbare school weer tegen. Al bijkletsend kwamen ook de triatlons ter sprake en voor we het echt in de gaten hadden waren we al plannen aan het maken om weer eens deel te gaan nemen. Laat mij in de waan dat het is omdat we ouder en vooral wijzer geworden zijn, maar er ontstond een briljant plan: we doen mee als trio! De drie disciplines waren overduidelijk snel tussen ons verdeeld en zo staan we nu ingeschreven voor de triatlon van Didam begin juli 2015. De triatlon als teamsport, ik vind het geniaal. Ieder van ons gaat doen waar zij goed in is voor een gezamenlijke prestatie. En ik hoef niet te zwemmen.

3 Comments Voeg uw reactie toe

Ik nodig je uit om te reageren:

Vul je gegevens in of klik op een icoon om in te loggen.

WordPress.com logo

Je reageert onder je WordPress.com account. Log uit / Bijwerken )

Twitter-afbeelding

Je reageert onder je Twitter account. Log uit / Bijwerken )

Facebook foto

Je reageert onder je Facebook account. Log uit / Bijwerken )

Google+ photo

Je reageert onder je Google+ account. Log uit / Bijwerken )

Verbinden met %s